"Observaties effectief middel om didactisch handelen leraren te verbeteren"

05-10-2017

De vakdidactische kennis van leraren, of preciezer: kennis over wat een leesles effectief maakt, heeft weinig invloed heeft op wat ze daadwerkelijk in hun dagelijkse lespraktijk doen. Dat concludeert onderzoeker Henk van den Hurk van het lectoraat Geletterdheid van de HU na zijn jarenlange promotieonderzoek. Op 5 oktober verdedigt hij zijn proefschrift 'Teacher knowledge and instructional behaviour and pupil achievement in reading' bij de Rijksuniversiteit Groningen.

Henk van den Hurk

Waar de geringe invloed van de vakdidactische kennis van leraren vandaan komt, moet volgens Van den Hurk nog verder onderzocht worden. Hij heeft wel zo zijn vermoedens: “Leraren zijn soms net mensen en mensen zijn gewoontedieren. Veel leraren doen in hun werk de dingen zoals ze die altijd al gedaan hebben. Daarbij leren toch veel kinderen lezen. Op heel veel scholen worden bepaalde methodieken gebruikt, die niet helemaal stroken met de recente wetenschappelijke inzichten. Als op school bepaalde afspraken zijn gemaakt, dan houden de leraren zich daaraan.”

Observeren van leraren en studenten van lerarenopleidingen en hen coachen zijn effectieve middelen om het didactisch handelen te verbeteren. Waarom is dat effectief?
“We hebben deze werkwijze onderzocht in twee verschillende situaties bij de HU: zowel binnen de initiële lerarenopleiding basisonderwijs (bij het instituut Theo Thijssen) als binnen de masteropleiding educational needs (bij het Seminarium voor Orthopedagogiek). Op de initiële lerarenopleiding wordt bij het vak Nederlands in drie modules de werkwijze van observeren en coachen toegepast. Studenten krijgen op de opleiding informatie over een bepaald onderwerp, bijvoorbeeld: hoe lees ik goed voor aan kleuters? Met die info gaan ze naar hun stageschool en geven daar een les, die wordt geobserveerd door praktijkopleiders. Die observatiegegevens worden direct teruggekoppeld naar de student. Terug op de opleiding worden die gegevens nog eens bekeken. Wat ging goed, wat ging minder goed, wat hebben we hier van geleerd en vooral: hoe kan het beter?”

“Met die kennis en met die concrete verbeterpunten gaat de student weer terug naar zijn stageschool en volgt hij opnieuw hetzelfde traject. Als afronding van de module schrijft hij een evaluatieverslag over hoe het proces is gegaan. Op die manier leren studenten heel goed hun eigen didactisch handelen te sturen en te verbeteren. In de masteropleiding hebben we gekeken naar de algemene pedagogische en didactische vaardigheden van leraren. Daar blijkt de werkwijze – het cyclisch model voor data-feedback - ook effectief.”

Terug op de opleiding formuleren ze verbeterpunten in hun eigen lesgedrag. Over wat voor soort verbeterpunten spreken we hier?
“Een voorbeeld: het blijkt dat de aandacht van de leerlingen, tijdens het verhaal dat ik aan het voorlezen ben, op een gegeven moment verslapt. Dan is de volgende vraag: hoe komt dat? Vind je in de observaties handreikingen terug over wat niet goed is gelopen? Heb je wel moeilijke woorden in het verhaal uitgelegd? Heb je geen vragen gesteld die te veel van het verhaal afleiden? Verbeterpunten halen studenten vooral uit datgene wat ze zien en uit de informatie die ze terugkrijgen uit de observatie. Het observatie-instrument omvat handreikingen om je eigen gedrag als leraar te verbeteren.”

“We denken aan uitbreiding van deze succesvolle werkwijze. Die is nu ingevoerd in het vakgebied van het lezen. Maar ik ben er van overtuigd dat de werkwijze ook ingevoerd kan worden in andere vakgebieden, zoals bij rekenlessen. Als je studenten gaat observeren bij het lesgeven in rekenen, dan kan dat ook ten goede komen aan de kwaliteit van het didactisch handelen van die student.”

Speelt bij jou ook een bepaald soort idealisme mee bij dit promotieonderzoek?
“Zeker! Ik ben van origine een lerarenopleider. Mijn drive is om goede leraren op te leiden. Daarnaast proberen we ons opleidingsinstituut steviger in zijn schoenen te zetten. En de bevindingen uit mijn promotieonderzoek moeten ook ten goede komen aan de kwaliteit van de Pabo en de masteropleiding. In algemene zin wil ik gewoon het onderwijs verbeteren.”

Lees hier meer over de promotiebijeenkomst.

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Sluiten