HU-lector ontwikkelt kennisagenda wijkverpleging met beroepsgroep

18-01-2018

Nienke Bleijenberg, lector Proactieve Ouderenzorg, is een van de weinige verpleegkundig onderzoekers die zich met wijkverpleging bezighoudt. Vanwege haar expertise is zij door ZonMw gevraagd onderzoek te doen naar de kennisbehoefte die verpleegkundigen en verzorgenden ervaren. De opbrengsten worden opgenomen in een kennisagenda voor de beroepsgroep. Als eerste werkt zij deze kennisagenda specifiek uit voor de wijkverpleging.

“Zorg wordt steeds complexer”, zegt Nienke Bleijenberg. “Zorg wordt in toenemende mate thuis verleend. Tegelijkertijd is er een zorgwekkend tekort aan verpleegkundigen en verzorgenden. En dat tekort neemt snel toe.” Het is daarom zaak om de zorg slimmer en beter te organiseren. “Een manier om dat te doen is om het handelen van verplegenden en verzorgenden wetenschappelijk te onderbouwen, zodat zorg efficiënter en doelmatiger wordt.”

Onderzoeksprogramma

Daar is kennis voor nodig. ZonMw, de Nederlandse financieringsorganisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie, verstrekte een subsidie aan het lectoraat Chronisch Zieken, waar Bleijenberg als lector aan verbonden is. De opdracht: samen met de beroepsgroep en andere belangrijke stakeholders een opzet maken voor het onderzoeksprogramma voor de komende jaren. “Het is de bedoeling dat deze kennisagenda breed gedragen wordt door de beroepsgroep zelf, maar ook door cliënten, patiënten, zorgorganisaties en kennisinstellingen”, zegt Bleijenberg. “Om te beginnen gaan we met de beroepsgroep en stakeholders inventariseren welke kennisvragen er zijn op welke gebieden. Zo krijgen we inzicht in de moeilijkheden en kennislacunes waar verplegenden en verzorgenden in hun dagelijkse praktijk tegenaan lopen. Daarna gaan we met experts prioriteren. Dat levert een kennisagenda op met concrete vraagstukken op verschillende thema’s, zoals voeding, preventie en zelfmanagement.”

Kansen

De kennisagenda wordt vervolgens uitgewerkt voor de wijkverpleging. “Juist daar gebeurt de komende tijd veel”, zegt Bleijenberg, die haar carrière startte als wijkverpleegkundige in Utrecht. Naast haar aanstelling als lector werkt zij ook nu nog een aantal uur per week in de wijk. “Steeds meer zorg verplaatst vanuit het ziekenhuis naar de eerste lijn en komt op het bordje van de wijkverpleging. Ook de vergrijzing en de opkomst van technologie spelen belangrijke rollen. Daarom liggen er juist hier enorme kansen.” Daarna waaiert het onderzoek uit naar verpleging en verzorging in andere contexten. 

Mobiliseren

Het opstellen van kennisagenda’s is al langer gemeengoed onder medisch specialisten. Voor de verpleging is het nieuw. “We hebben het stappenplan van de specialisten overgenomen”, zegt Bleijenberg. “Wij bestuderen de literatuur over verschillende kwesties, bekijken onderzoek van de afgelopen jaren en gaan na waar de verschillende leerstoelen en lectoraten in het land nu aan werken. Vervolgens gaan we bij professionals ophalen waar zij tegenaan lopen.” Daarnaast leveren beroepsverenigingen voor verplegenden en verzorgenden (V&VN), de patiëntenfederatie en andere betrokken partijen input. “We willen zo veel mogelijk verplegenden en verzorgenden benaderen. Onze beroepsvereniging V&VN heeft ruim 90 duizend leden waarvan we het grootste deel uitnodigen om input te leveren”, zegt Bleijenberg. “Ook organiseren we rondetafelsessies en speciale discussiebijeenkomsten rond het thema.” 

Bleijenberg werkt samen met lector en hoogleraar Marieke Schuurmans, MANP-docent Lia van Straalen en postdoconderzoeker Marjan Hoeijmakers. Samen met de beroepsvereniging mobiliseren zij de beroepsgroep en het brede werkveld om de kennisagenda op te stellen. Na de zomer moet het complete onderzoek zijn afgerond.